Abactochromis labrosus
OverzichtAbactochromis labrosus
Algemene informatie
- Wetenschappelijke naam: Abactochromis labrosus
- Nederlandse naam: Labrosus cichlide
- Herkomst: Oost-Afrika – voornamelijk Malawimeer
- Leefgebied: Steile rotsen en zandbodems, vaak in middelgrote dieptezones; solitaire of paargewijs aanwezig
Uiterlijk
Kenmerken:
- Grootte: 12–15 cm
- Slank, langgerekt lichaam
- Kleur: meestal zilvergrijs tot lichtbruin met subtiele donkere markeringen
- Oog- en mondregio licht contrasterend
- Mannetjes doorgaans feller van kleur dan vrouwtjes, vooral tijdens balts
- Vinnen: lang en gestroomlijnd, caudale vin vaak iets afgerond
Opvallend:
- Lange lippen (“labrosus”) – duidelijk herkenbaar
- Sierlijke, krachtige zwemmer
- Solitair of kleine groepjes, minder roekeloos dan andere Malawicichliden
Gedrag
- Gedraagt zich territoriaal, vooral in aquarium met rotsen
- Vreedzaam ten opzichte van vis van gelijke grootte, kan agressief worden tegen soortgenoten of andere cichliden bij te kleine ruimte
- Beste te houden in een ruime bak met veel rotsen en schuilplaatsen
- Solitair of paartje wordt vaak aangeraden
Aquariumomstandigheden
Kenmerk | Aanbevolen waarde |
|---|---|
Temperatuur | 24–28 °C |
pH-waarde | 7.8–8.6 |
Hardheid | 10–20 °dGH |
Minimale aquariumgrootte | 200 liter (solitair of paar) |
- Rotsstructuren en open zwemzones combineren
- Zandbodem en stevige schuilplaatsen
- Goede filtratie en regelmatige waterverversing essentieel
- Waterkwaliteit stabiel houden, pH licht basisch
Voeding
- Hoofdvoer: pellets of granulaat voor cichliden
Tip: kleine porties meerdere keren per dag
Kweek
- Moeilijk tot uitdagend in aquarium
- Eilegger, broedt vaak op de mond van het vrouwtje (mouthbrooder)
- Aanpak: apart kweekaquarium aanbevolen, zachte bodem en rotsen voor schuilplaatsen
- Jongen: worden door het vrouwtje beschermd en direct zelfstandig na vrijlaten
Dieren worden door ons niet verzonden en kunnen uitsluitend worden afgehaald.